Sorry dat ik aanpak

Ze was gekleed zoals Anita Meyer destijds, in creaties van die Rotterdamse modekoning waarover anderen smalend deden, teveel glitters – maar dan zonder glitter. Het kwam door de ruches, denk ik, of een daaraan verwant opstiksel op de pofmouwen.

Contrasterend met haar wat grof gezicht had ze het haar in een 70s-look, Olivia Newton-John, Farrah Fawcett-Majors; een gelukkige keuze.

Pezig lijf, rechte houding, nuchtere toon.

De afdeling was onderbemand, overvraagd, volkomen begrijpelijk, eerst je bewijzen, kun je daarna extra FTE vragen.

Ze was direct, zei ze. Medewerkers die geen openheid van zaken geven of niet doen wat ze zeggen – dan kwam je haar tegen. En als de druk hoog was, kon ze flink drukken, dingen zelfs overnemen – dat ik het maar wist. En kon ik tegen haar cynisch gevoel voor humor?

Wat nu! Verstond ik onder ’cynisch’ een houding van ‘het is allemaal maar niets’? Maar zo was ze niet!

Inderdaad. Als andere afdelingen haar medewerkers overvroegen, ging ze voor hen liggen, “Laat ze maar op mij beuken”. En ze sprak – ongemerkt – vertederd over de hardwerkende ad interim.

Dus wat was ze? Lieve vrouw die geleerd heeft dat liefheid nergens leidt? Ontdooiende vrouw uit hard zakenmilieu die emotie een kans geeft, haar vrouwelijkheid voorzichtig toelaat?

Hoe dan ook, bij het afscheid had ze mij ingepakt.

Nog geen reacties

Leave a reply